Huisarts Marlies Uithoven fan van het hospice

Interview met Marlies Uithoven, huisarts op Texel - Door Angélique Baan

Drieëntwintig jaar geleden rondde Marlies haar huisartsenopleiding af op Texel, bij Ad Waverijn en Rik van Hattem. Sindsdien is zij huisarts op het eiland. In 2017 nam zij samen met Lard Plasmans de praktijk over van Waverijn en Van Hattem. Ad Waverijn is inmiddels bestuurslid van het hospice.

Marlies vertelt: “Ik houd van mijn vak. Het mooiste vind ik de gesprekken met mensen.” Ook waardeert ze het dat ze als huisarts meerdere generaties binnen één familie begeleidt. “Aan een ziek- of sterfbed zie ik vaak mensen aan wie ik mij niet hoef voor te stellen. We kennen elkaar al. Soms ben ik ook de huisarts van de jongere generaties die daar aan het bed zitten. Dat vind ik heel bijzonder.”

Marlies verwijst regelmatig patiënten naar het hospice. “Ik zeg vaak dat ik fan ben van het hospice. De vrijwilligers kennen die uitspraak wel. Het hospice ontzorgt: de patiënt, de naasten én de dokter. Ik denk dat die ontzorging de patiënt kan helpen bij het loslaten van het leven. Voor mij is het belangrijk dat iemand die gaat sterven de gelegenheid krijgt om zijn of haar leven af te ronden. Het hospice speelt daarin een prachtige rol.”

Ze vertelt hoe ze soms al kort na een slechte diagnose aan een opname denkt, ook als de levensverwachting nog langer is dan de 'drie maanden' van de terminale fase. Soms gebeurt het juist pas wanneer de verwachting nog maar dagen is en de naasten te uitgeput raken om thuis de zorg vol te houden. Regelmatig komt de vraag om opname van de patiënt zelf; de goede naam van het hospice draagt daaraan bij.

“Soms beveel ik het hospice echt aan. Ik leg dan uit wat het kan betekenen. Voor die ene patiënt, op dat ene moment, denk ik dan dat het zo'n goede stap zou zijn. Ik laat wel eens foto's zien van het hospice via de website. De patiënt mag daar rusten. Hij of zij kan zich richten op het naderende einde. De omgeving is schoon, warm en fris. Er is aandacht, tijd, lekkers zolang dat nog gaat. De vrijwilligers en wijkverpleegkundigen letten op de patiënt en proberen steeds weer af te stemmen. Dat vind ik indrukwekkend.”

Marlies ziet vaak dat patiënten schuldgevoel hebben richting hun naasten, die thuis de zorg dragen. “Hoe dan ook zijn naasten vaak zwaar belast in de terminale fase.” Ook voor hen betekent het hospice ontzorging. “Ze worden óók uitgeluisterd. Ze mogen komen en gaan, dag en nacht. Ze mogen blijven slapen.”

Ook de dokter wordt ontzorgd, vertelt ze. “Voor mij voelt het bijna als thuiskomen. Soms kom ik binnen terwijl ik moe ben en allang had moeten eten, maar geen tijd vond. En ook dát wordt gezien. Dan zit ik een dossier bij te werken aan de grote tafel en ineens staat er een kom soep voor me.”
Op de vraag waar haar warme betrokkenheid vandaan komt, heeft Marlies niet direct een antwoord. “Ik denk dat ik vooral mezelf ben.”

Het meest waardevolle aspect van palliatieve zorg vindt ze “om vanuit het doktersvak pijn, angst en ongemak zoveel mogelijk weg te nemen, zodat de patiënt zich kan voorbereiden op het naderende overlijden.”

Gevraagd naar bijzondere ervaringen in het hospice, glimlacht ze. “Oh, er zijn er zóveel.” Ze vertelt over een patiënt met veel pijn die helder wilde blijven en nauwelijks medicatie wilde. “Alleen tender loving care. En dat kreeg hij. Het ging zoals hij wilde — dat vond ik mooi.” Ook herinnert ze zich een patiënt die niet meer kon spreken, maar met wie toch moeiteloos contact mogelijk was. “Die afstemming, dat is iets heel bijzonders.” En dan was er de patiënt aan wie zij en haar compagnon vlak voor Kerst een aubade brachten, op viool en blokfluit. “Hij had mij jarenlang verwend tijdens de adventstijd met kleine concertjes aan het einde van de werkdag. Nu kon ik iets terugdoen. Daags na de aubade overleed hij.”

De samenwerking tussen huisartsen, verpleegkundigen en vrijwilligers ervaart Marlies als “soepel, prettig, laagdrempelig en afgestemd. We halen het beste in elkaar naar boven voor die ene patiënt. En daarmee geven we elkaar ook iets moois.”

De rol van vrijwilligers noemt ze groot. “Ze zijn het fundament van het hospice. Ik 'verkoop' het hospice aan patiënten met verhalen over hoe de vrijwilligers er voor hen zijn.”
Over de toekomst van hospicezorg op Texel zegt ze: “Texel groeit en vergrijst. Mensen willen sterven in hun eigen omgeving. Het hospice is een bijna-thuis huis. Het is echt Texels.” Ze maakt zich zorgen over het beperkte aantal bedden. “Er is geregeld een wachtlijst. Het is goed dat er wordt nagedacht over uitbreiding.”
Aan mensen die twijfelen over opname zou ze willen zeggen: “Laat je informeren door je huisarts, een wijkverpleegkundige of een vrijwilliger van het hospice. Ga eens naar een Open Dag.”

Haar wens voor het hospice: “Blijf die plek van zorg en aandacht in de laatste fase van het leven, vóór de gang naar de eeuwigheid van die ene patiënt, die ene mens. En blijf zo prachtig geworteld in de Texelse samenleving als nu.”

Contact

Stichting Hospice Texel
Anne Frankstraat 32
1791 DT Den Burg 

0222 728132
info@hospicetexel.nl

Uw hulp is nodig

Wilt u ons steunen? U kunt een donatie overmaken via onze website.

Inloggen